Na 30 april slaan alle agenda’s over naar 1 mei. Dit is even logisch als dat de zon de volgende dag opkomt aan de horizon. Maar hoe vanzelfsprekend dat mag zijn, het is niet vanzelfsprekend wat de inhoud van deze dag is. De Dag van de Arbeid behoort aan arbeiders over de gehele wereld. Of het nu erkend wordt als feestdag of niet, het is een dag die ten alle tijden verworven is met strijd.

door de Redactie

De bekendste strijd die verband heeft met 1 mei is die voor de 8-urige werkdag. In alle industriële landen kwam deze roep, maar het ontstaan hiervan ligt in de Verenigde Staten. In de 19e eeuw was het in dit land, en waarschijnlijk in andere kapitalistische landen, de gewoonte om te werken van zonsopgang tot zonsondergang. Werkdagen van 14, 15 of zelfs 18 uur per dag waren niet ongewoon. Hoewel ze ongeorganiseerd waren, begonnen arbeiders te staken tegen deze grove vorm van uitbuiting. Deze werden neergeslagen en stakers werden opgepakt.

De industrie ontwikkelde zich in het noorden van de Verenigde Staten. De kapitalisten wilde graag dat de nieuwe arbeiders om uit te buiten richting hun fabrieken bleven stromen. Steeds meer plattelandsbevolking werd gedwongen om naar de stad te trekken. Ze waren kapot geconcurreerd door de nieuwe machines waardoor ze hun eigen bestaan op moesten geven. Steeds grotere groepen arbeiders moesten geconcentreerd worden in een bepaalde stad. Hieruit zijn ook de eerste vakbonden ontstaan. Hun belangrijkste taak was het organiseren van de arbeiders om te strijden voor hun eigen (klasse)belangen. Vanuit dit oogpunt zijn onderzoeken gedaan naar de kwaliteit van leven onder de arbeiders. Een van de opmerkelijkste resultaten kwam van stakende bakkers in New York. Hieruit bleek dat rondtrekkende arbeiders, zoekend naar bestaanszekerheid, uitgebuit werden door soms 19 tot 20 uur per dag te moeten werken onder erbarmelijke omstandigheden! Men meende dat hun werkomstandigheden niet veel beter waren dan Egyptische slaven in de oudheid.

Door het ontstaan van de vakbonden in de jaren ’30 van de 19e eeuw, kwam de eerste eis om de werkdag op 10 uur te krijgen. Vele vakbonden maakten werk van deze eis en er ontstond een grote beweging. De bourgeoisie kreeg het zo benauwd dat ze binnen enkele jaren deze eis overnamen. In 1837 werd de 10-urige werkdag ingesteld voor overheidspersoneel in de VS en niet veel later werd dit landelijk ingesteld. Was hiermee de strijd voorbij? De beweging werd vervolgens weer op touw gezet en de strijd om de 8-urige werkdag begon vanaf dat moment. De heersende klasse zou ditmaal meer verzet bieden tegen deze eis van de meerderheid van de bevolking.

Door het ontstaan van de vakbonden in de jaren ’30 van de 19e eeuw, kwam de eerste eis om de werkdag op 10 uur te krijgen. Vele vakbonden maakten werk van deze eis en er ontstond een grote beweging. De bourgeoisie kreeg het zo benauwd dat ze binnen enkele jaren deze eis overnamen.

Door tussenkomst van de Amerikaanse Burgeroorlog werd deze beweging van vakbonden tot halt geroepen. Maar één jaar na afloop van deze gebeurtenis wilde vele vakbonden een nationale federatie smeden van vele lokale en kleine bonden. Hieruit ontstond de National Labor Union die als eerste eis de 8-urige werkdag opstelde. Ze zeiden dit als volgt:

“Het eerste en grootste noodzaak voor het heden is dat arbeid wordt bevrijd van de kapitalistische slavernij, door het opstellen per wet dat een werkdag niet langer zal duren dan 8 uur in dit land. Wij zijn bereid om al onze krachten in te zetten totdat dit glorieuze resultaat is behaald.”

Deze eis zou de National Labor Union herhalen tijdens een congres in Genève van de Eerste Internationale, waar Karl Marx en Friedrich Engels een groot aandeel in hadden. Op dit congres werd besloten dat de strijd om een 8-urige werkdag aan beide kanten van de Atlantische Oceaan gevoerd zou worden door arbeiders uit welk land dan ook. Helaas kwamen steeds meer op compromis zoekende beleidsbepalers aan de leiding van de National Labor Union, die steeds meer leden zag verdwijnen. De Eerste Internationale zou ook niet veel later, in 1876, ontbinden. Voor de voortzetting van deze strijd moeten we nogmaals terug naar de Verenigde Staten.

In 1884 zou de nieuwe en strijdbare vakbond American Federation of Labor de strijd voor een 8-urige werkdag vervolgen. Hun dag van actie zou op 1 mei vallen. Deze redelijk nieuwe vakbond had in de jaren ’70 en ’80 van de 19e eeuw grote bekendheid om zijn militante houding tegenover de kapitalistische klasse. Dit waren namelijk tijden van economische crisissen van het kapitalisme. Duizenden arbeiders werden zonder pardon op straat gegooid zonder enige vorm van lijfsbehoud. Indien men niet werd ontslagen, moesten ze meer werk verrichten voor minder loon. De Federation organiseerde in deze tijden grote stakingen en demonstraties tegen deze dictatuur van de kapitalisten. De reactie op deze acties was hard en bij talloze werden arbeiders verwond, vermoord en de leiders ervan opgehangen. Zelfs het leger werd gestuurd om ervoor te zorgen dat men angstig zou worden om ooit nog te gaan staken. Maar het tegendeel was het geval. Juist doordat de Federation een gebalde vuist maakte tegen de kapitalistische klasse werden arbeiders geïnspireerd en bewust van hun klasse. Steeds meer arbeiders en vakbonden sloten zich aan bij deze ‘vechtende’ vakbond zoals ze bekend stonden. In 1886 ging hun ledenaantal van 200 naar 700 duizend.  De militante houding verspreidde onder de arbeidersklasse in de Verenigde Staten. Stakingen werden steeds grootschaliger en vaker georganiseerd en met resultaat! In vele gevallen accepteerde het bedrijf de eis van een 8 urige werkdag.

Het pamflet dat vooraf ging aan de demonstratie in Chigago, dat uiteindelijk de geschiedenis in zou gaan als de” Haymarket Riot”

De 1 mei staking in Chicago van 1886 zou het beroemdst worden. Duizenden arbeiders gingen de straten op. De eis om een 8-urige werkdag mocht er zijn, maar voor velen was het doel dat er een einde kwam aan het kapitalistisch systeem. Maar een revolutionaire beweging kent immers ook de contrarevolutionaire beweging en deze zou zijn kop opsteken. Nadat arbeiders hun werk neerlegde verzamelde ze in de stad om samen te marsen. Hoewel deze vreedzaam was greep de politie hard in. Ze sloegen in op de menigte en arresteerde demonstranten. Er werd besloten om langer te staken na deze gebeurtenis. Toen er op 3 mei zes arbeiders werden vermoord tijdens een bijeenkomst over de staking werd er een demonstratie uitgeroepen op de Haymarket Square in Chicago. Rond 10:30 werd door een onbekende een bom gegooid in de menigte. Hierbij kwamen 4 politieagenten en 7 arbeiders om het leven. De heersende klasse pakte deze gelegenheid om de leiders van verschillende bonden op te pakken. Een aantal kregen de doodstraf, andere lange gevangenisstraffen. Ze wilde de militante vakbeweging de kop indrukken.

De betekenis van deze gebeurtenis vatte een kameraad van me samen:

“In 1888 werd 1 mei door de The American Federation of Labor (de grootste toenmalige vakbondsfederatie in de VS) benoemd tot de officiële strijddag van de Amerikaanse arbeiders. Het voornemen van de Amerikanen werd in 1889 overgenomen op het eerste congres van de Tweede Internationale dat in Parijs werd gehouden. 1 mei zou een strijddag worden voor alle arbeiders ter wereld. Een dag dat men overal ter wereld strijdt voor dezelfde eisen als die in 1886 werden gesteld door de arbeiders uit Chicago. Uiteindelijk vond de 1 mei viering in de Verenigde Staten maar een keer plaats, namelijk in 1890. De toenmalige president Grovert Cleveland heeft daarna de 1 mei viering verboden en verplaatst naar de eerste maandag van september. Hij wilde voorkomen dat 1 mei een herdenking zou worden van de Haymarket Affaire. Deze keuze is hoogstwaarschijnlijk bewust gemaakt, om de arbeiders maar zo weinig mogelijk aanleiding te geven voor strijd, solidariteit en groeiend klassenbewustzijn.”

Tot dusverre de geschiedenis. Ik besluit om te stoppen met het vertellen van het ontstaan van 1 mei voor twee redenen. Ten eerste wil ik voorkomen dat ik een boekwerk schrijf. Ten tweede, en wellicht de belangrijkste reden, is omdat ik van mening ben dat we juist uit dit gedeelte van het verhaal de meeste lering kunnen trekken. Het idee dat we anno 2019 geen arbeiders hebben is complete onzin. Natuurlijk heeft Nederland een veel kleinere percentage fabrieksarbeiders dan voorheen. Maar meer dan ooit hebben we mensen met allerlei beroepen die het minimale krijgen terwijl hun baas of organisatie het maximale krijgen. Denk hierbij aan het feit dat de productiviteit de afgelopen decennia met ongelofelijke getallen is gestegen maar de lonen steeds achterop blijven. Enkele actuele voorbeelden hiervan zijn: docenten die te maken hebben met uitgebreide administratieve werkzaamheden en zorgtaken, verplegers die amper tijd hebben om een gesprek aan te gaan met hun patiënten en vrachtwagenchauffeurs die voor de keuze komen te staan om minder loon te accepteren of ontslagen te worden. Steeds vaker zien we dat technologie en robots worden ingezet als concurrent van de arbeider in plaats van als hulpmiddel. Het idee van een vast contract wordt steeds meer een illusie uit het verleden met de flexibilisering van de arbeidsmarkt. Cijfers van het SER (Sociaal-Economische Raad) laten zien dat tussen de 500 en 600 duizend Nederlanders meerdere banen hebben. Veelal uit financiële noodzaak of omdat ze niet genoeg uren kunnen krijgen bij hun andere baan. Mensen rijden van baan naar baan, evenals de reizende arbeiders in de 19e eeuw die eerder zijn genoemd in dit artikel. Die financiële noodzaak kan komen door de hogere energierekening en hogere vaste lasten. Steeds meer mensen ervaren de uitbuiting van het kapitalisme in hun dagelijks leven.

Het idee dat we anno 2019 geen arbeiders hebben is complete onzin. Natuurlijk heeft Nederland een veel kleinere percentage fabrieksarbeiders dan voorheen. Maar meer dan ooit hebben we mensen met allerlei beroepen die het minimale krijgen terwijl hun baas of organisatie het maximale krijgen.

Kijkend naar de FNV, de grootste vakbond van Nederland, zien we campagnes die zich richten op de symptomen van het kapitalistisch systeem. Het minimumloon naar 14 euro, het pensioen op 65, de ‘echte banen’ zijn allemaal voorbeelden van acties die zijn opgezet. Maar deze strategie is even logisch als een patiënt met een gebroken been die naar een dokter gaat en pijnstillers krijgt. Ja de pijn zal wellicht even weg zijn, maar het been is nog steeds gebroken. Kijkend naar de strategie van de Federation hadden zij ook hun campagne die op de voorgrond was, namelijk de strijd om een 8-urige werkdag. Maar op de achtergrond was ten alle tijden het doel om kapitalisme te vervangen door het socialisme. Hiermee zou je als vakbond niet alleen activisten krijgen voor campagnes, maar leden voor een beweging. Dit kan en jong en oud, docent en chauffeur, ongeacht etniciteit of geaardheid met elkaar verbinden. Men zoekt geen vakbond die een compromis sluit maar een bond die de resultaten haalt die haar leden aangaan. Dat wist de Federation al te goed. Zij inspireerde arbeiders doordat zij wisten dat zij betrokken waren bij een strijd der klassen. Een compromis sluiten met de heersende klassen werkt nadelig voor de klassenstrijd in zijn algemeenheid.  De vijand is geen pop, zoals we vaak horen dat de persoon Baudet of de persoon Rutte dat zijn. De vervangers van deze zullen evenzo deel uitmaken van een onmenselijk systeem die de meerderheid uitbuit voor de rijkdom van de minderheid.

Of het nu 1 mei is of niet, de strijd zal elke dag gevoerd moeten worden. Wij als communisten zijn altijd strijdend geweest en zullen dat ook blijven. Als CJB willen wij geen verandering zien in pop maar in systeem. Dat kan alleen met klassenstrijd.

 

Ze mogen deze feestdag van ons afnemen, uiteindelijk zullen wij de tijd overnemen.