Commissie Internationaal

De negentiende Bijeenkomst van Europese Communistische Jongerenorganisaties (MECYO) vond plaats tussen 31 oktober en 3 november 2025 in Londen. Het thema luidde: “Verenigd staan we tegen oorlog, armoede, onderdrukking en kapitalistische uitbuiting. Samen bouwen we aan een socialistisch Europa, in solidariteit met de volkeren van de wereld.” Er waren negentien organisaties aanwezig voor deze belangrijke bijeenkomst, waaronder de CJB. Eerder publiceerden we al de verklaring die hierop volgde.

De bijeenkomst werd georganiseerd door de YCL, de Jonge Communistische Liga van Groot-Brittannië. Tussen de plenaire sessies gingen alle organisaties, begeleid door de YCL, naar historische locaties voor de internationale communistische beweging. We bezochten de begraafplaats van Marx, de Marx Memorial-bibliotheek en een monument ter ere van de Slag om Cable Street, waarin arbeiders zichzelf hadden georganiseerd om een mars van de Britse Unie van Fascisten (BUF), de partij van Oswald Mosley, te blokkeren. Geïnspireerd door deze voorbeelden gingen de jeugdorganisaties aan de slag om belangrijke thema’s te bediscussiëren.

Op de eerste dag deden de aanwezige jeugdorganisaties verhaal over de situatie in hun eigen land betreffende militarisering, bezuinigingen en politieke onderdrukking van de arbeidersklasse. Alle organisaties deelden vergelijkbare situaties – de verhoging van de staatsrepressie, maar ook de verhoging van het bewustzijn daarover. Met massale acties geworteld in de werkende klasse konden veel organisaties vechten tegen sociale afbraak en imperialistische agressie. Een uitstekend voorbeeld werd gegeven door het Front van Communistische Jeugd (FGC) uit Italië. Ze spraken over hun rol in de landelijke stakingen tegen het vervoer van wapens naar Israël in de lopende genocide tegen het Palestijnse volk.

Op dag twee vond er een ideologisch seminar plaats over de opbouw van de vredesbeweging en de strijd tegen oorlog in Europa. De CJB benadrukte haar pogingen om de vredesbeweging te versterken in Nederland en de strijd die gaande is tegen de bezuinigingen op het onderwijs, zorg en cultuur. Het FGC vroeg de aanwezige organisaties om een solidariteitsverklaring te ondertekenen in reactie op de lasterlijke beschuldigingen dat zij ‘antisemitisch’ zou zijn, omdat ze vechten in Italië voor een onafhankelijk Palestina. In totaal hebben zeventien organisaties deze brief ondertekend, wat goed nieuws is om deze burgerlijke leugens overwinnen en onze positie binnen de arbeidersklasse te behouden.

Ook vond er op de tweede en derde dag discussie plaats voor het opstellen van een gezamenlijke MECYO-verklaring, die dit keer is ondertekend door zestien lidorganisaties van de MECYO. De verklaring is het product van de gehele communistische jeugd in Europa, die de angst, vervreemding en woede verwoordt, gevoeld door studenten en werkende jongeren onder het monopoliekapitalisme van vandaag. We eisen daarin demilitarisering, de ontmanteling van de NAVO, een onmiddellijk einde aan alle imperialistische oorlogen en een leefbaar loon, dat iedereen in staat stelt in diens dagelijkse behoeften te voorzien en in waardigheid te leven.

De bijeenkomst was een productieve, collegiale, maar kritisch betrokken uitwisseling van ervaringen van de verschillende deelnemers. De CJB is tevreden over haar deelname aan wat zij als een essentiële bijeenkomst ziet voor de jeugd in Europa.

Lang leve de MECYO!
Lang leve de internationale solidariteit!


Bijdrage van de CJB aan het seminar van de 19e MECYO

Beste kameraden,

De strijd van de arbeidersklasse en haar jeugd tegen imperialistische oorlog is een uiterst relevante en urgente kwestie die grondig moet worden besproken. In onze interventie zullen we de strijd voor vrede in Nederland presenteren. We zullen eerst de context waarin we opereren toelichten; vervolgens de methode die we bij voorkeur toepassen met betrekking tot de vredesbeweging en de arbeidersbeweging in het algemeen; en tot slot delen we enkele ervaringen uit de vredesbeweging van het afgelopen jaar.

Context

Nederland blijft volledig in lijn met de militaire en economische belangen van het Euro-Atlantische imperialistische blok. Als een van de oprichters van de NAVO en de EU heeft Nederland altijd een belangrijke rol gespeeld bij het versterken van de positie van dit imperialistische blok binnen de wereldeconomie. Voorbeelden hiervan zijn de deelname via de NAVO aan de invasies van Joegoslavië, Libië, Afghanistan en Irak.

In de afgelopen drie jaar is dit niet veranderd, maar juist geïntensiveerd. We kunnen nu spreken van een militarisering van de samenleving, en mogelijk ook van onze economie. Wat voor veel mensen ooit taboe was, is nu gemeengoed geworden. Nederland bereidt zich voor op oorlog en van ons als burgers wordt verwacht dat we daarvoor de prijs betalen – met onze portemonnee of met ons leven. Dit blijkt uit de volgende ontwikkelingen:

  1. Nederland is een fervent voorstander van de reactionaire Oekraïense regering en heeft tot oktober 2025 meer dan 9 miljard euro gestuurd. Deze steun zal niet stoppen, maar alleen maar intensiever worden.
  2. De Nederlandse regering heeft aangekondigd dat zij de defensie-uitgaven zal verhogen tot 5% van het bbp. Dit betekent een stijging van bijna 20 miljard euro aan militaire uitgaven per jaar.
  3. Veel partijen zijn voorstander van de terugkeer van de dienstplicht – sommigen openlijk, anderen door zogenaamde ’verplichte aspecten’ toe te voegen.
  4. Het ministerie van Onderwijs en het ministerie van Volksgezondheid hebben bezuinigingen van meer dan 1 miljard euro aangekondigd om, in hun eigen woorden, de stijging van de militaire uitgaven te financieren.
  5. Nederlandse figuren als Mark Rutte en Rob Bauer hebben posities verworven binnen de NAVO en gebruiken hun politieke invloed om de militarisering van de Nederlandse samenleving te bevorderen.

Deze aspecten creëren een circus van militaire propaganda: de Nederlandse prinses die zich inschrijft voor een militaire reservistenopleiding aan het Defensity College, de organisatie van de NAVO-top in Den Haag in juni van dit jaar, de enorme hoeveelheid advertenties die door het ministerie van Defensie worden geproduceerd en de NAVO-tournee langs Nederlandse scholen om jongeren te werven. Er lijkt geen einde aan te komen, aangezien de partijen die waarschijnlijk de volgende coalitie zullen vormen allemaal bloeddorstige militaristen zijn.

Interventiemethode

Dit is de context waarmee wij als communisten te maken hebben. We zullen kort ingaan op de interventiemethode die onze voorkeur heeft.

In Nederland hadden we in de jaren zeventig en tachtig een grote vredesbeweging. Tot op de dag van vandaag waren de grootste demonstraties in de geschiedenis van ons land die tegen de plaatsing van kernraketten, waarbij een half miljoen mensen in actie kwamen. Helaas hebben we niets vergelijkbaars meer. Wat we nu hebben is een arbeidersbeweging die is georganiseerd rondom activistische organisaties en ngo’s in plaats van door en voor arbeiders en hun belangen. Hetzelfde geldt voor de vredesbeweging. Wij vinden deze werkwijze niet effectief: steeds dezelfde organisaties en hun leden organiseren acties en activiteiten, en steeds zijn dezelfde mensen aanwezig. De bredere arbeidersklasse en jongeren voelen zich niet aangetrokken tot activistische coalities waarin politieke partijen vooral zichzelf lijken te willen promoten.

Wij zijn voorstander van een andere methode. Wij pleiten voor de organisatie van actiecomités die geworteld zijn in werkplekken, onderwijsinstellingen en buurten. Deze comités staan open voor iedereen, ook voor mensen die geen deel uitmaken van een politieke organisatie. Kortom, het is een niet-sektarische werkwijze die ongeorganiseerden niet uitsluit en juist gebaseerd is op de eenheid van de belangen van de arbeidersklasse. In 2024, in de context van de NAVO-top in Den Haag, gaf de NCPN, onze moederpartij, prioriteit aan de deelname aan actiecomités voor vrede. Dit was in overeenstemming met de resoluties van het 7e congres van de partij en het 10e congres van de CJB.

Ervaringen

We hebben in het hele land bijgedragen aan de oprichting van dergelijke actiecomités. Dit was nodig, omdat er voorheen maar weinig vredescomités bestonden. Dit initiatief heeft tot belangrijke overwinningen geleid. Aan de Universiteit van Amsterdam bijvoorbeeld leveren CJB’ers een belangrijke bijdrage aan een groeiend actiecomité van studenten. Een hoogtepunt was het protest tegen de deelname van Rob Bauer (toenmalig hoofd van het Militair Comité van de NAVO) aan een propaganda-evenement op de universiteit. Door het studentenprotest werd hij gedwongen de campus te verlaten.

Er zijn echter belangrijke uitdagingen die in de komende periode moeten worden overwonnen. In sommige steden waar actiecomités waren opgericht, maar waar we geen sterke band met de arbeiders hadden, bleek het moeilijker om niet-georganiseerde mensen te mobiliseren.

Kortom, we kunnen concluderen dat het steeds belangrijker wordt om de NCPN als echte voorhoedepartij en de CJB als haar jeugd te versterken, en vervolgens deze positie te gebruiken om de structuren van de vredesbeweging te versterken.